top of page
Zoeken

Nabewerking: wat schuren, gladmaken en verven echt kosten en opleveren

2 dagen geleden
3 minuten om te lezen

Een print die uit de printer komt, is zelden een afgewerkt product. Dat verrast klanten nog vaak. Ze sturen een foto van een gladde, gelakte behuizing mee en vragen een prijs voor "dat, maar geprint". Wat ze eigenlijk bedoelen is: geprint én afgewerkt. En dat zijn twee verschillende opdrachten.

Een ruwe print en een afgewerkt onderdeel

Bij FDM zie je de lagen. Bij resin zie je de contactpunten van de supports. Soms is dat helemaal prima. Een jig op de werkvloer of een testonderdeel moet werken, niet mooi zijn. Maar zodra iemand het onderdeel in de hand neemt, aan een klant toont of op een beurs zet, verandert de vraag.

Nabewerking is geen kwestie van even over de print wrijven. Het is handwerk, en handwerk kost tijd.

Wat elke stap in de praktijk inhoudt

Supports verwijderen en bijwerken. Dit zit eigenlijk altijd in de prijs, ook bij een ruwe print. Bij resin ga je daarna nog even over de plekken waar de supports zaten.

Schuren. Van grof naar fijn, en het resultaat hangt sterk af van het materiaal. PLA schuurt makkelijk, nylon veel minder. Eén onderdeel gaat snel. Twintig onderdelen is een hele namiddag.

Vullen en gladmaken. Voor een echt glad oppervlak op FDM-werk gebruik je vuller en schuur je meerdere keren. Dat geeft een mooi resultaat, maar je betaalt er uren voor.

Verven of spuiten. Een goede verflaag is veel meer dan een kleurtje. De voorbereiding bepaalt het resultaat, en kleine fouten in de print komen er net sterker door naar boven.

Dampgladden of chemisch gladmaken. Werkt voor bepaalde materialen, niet voor alle. Het is snel, maar je verliest ook scherpte en maatnauwkeurigheid.

Let op de maten

Elke bewerking haalt of voegt materiaal toe. Een passing die na het printen klopt, kan na het schuren of lakken net niet meer kloppen. Heb je een onderdeel dat ergens in moet passen, zeg dat dan vooraf. Dan houd ik er bij het ontwerp rekening mee, en bewerk ik enkel de zichtvlakken.

Wanneer is afwerking het waard?

Een paar vragen die ik mezelf stel:

  • Wordt het onderdeel getoond aan een klant, een investeerder of op een beurs? Dan ja.

  • Zit het in een machine, uit het zicht? Dan meestal niet.

  • Is het een prototype om te testen of iets past? Dan zeker niet, dat is geld dat beter naar de volgende iteratie gaat.

  • Gaat het om een kleine reeks die er als product moet uitzien? Dan wel, maar reken dan per stuk, want de uren tellen mee in elk exemplaar.

Een voorbeeld

Een klant vroeg een behuizing voor een demonstratie. Eerst bestelde hij de ruwe versie om de pasvorm te checken. Dat was snel en goedkoop. Pas bij de tweede ronde, toen alles klopte, kwam de afgewerkte versie. Zo betaalde hij maar één keer voor de uren schuren en verven.

Wat je best meegeeft in een aanvraag

  • Waar het onderdeel voor dient: testen, tonen of echt gebruiken.

  • Welke oppervlakken zichtbaar zijn en welke niet.

  • Gewenste kleur of afwerking, liefst met een foto als voorbeeld.

  • Of er passingen zijn die niet mogen veranderen.

  • Hoeveel stuks je nodig hebt.

Niet zeker wat je nodig hebt? Zeg het gewoon. Dan stel ik voor wat past bij het doel en wat het ongeveer kost, zodat je kan kiezen voor je betaalt.

Twijfel je tussen ruw en afgewerkt? Mail me gerust, dan kijk ik mee.

SeCa Design, 3D printen, CAD design en reverse engineering in Gent. info@secadesign.be | secadesign.be

 
 
 

Recente blogposts

Alles weergeven
Scannen is niet kopiëren

"Kan je dat onderdeel niet gewoon scannen en opnieuw printen?" Ik krijg die vraag regelmatig, meestal bij een stuk dat niet meer te krijgen is of waar nooit een tekening van bestond. Het korte antwoor

 
 
 
STEP of STL: welk bestand lever je best aan?

Het verschil in één zin Een STL is een nabootsing van je onderdeel, opgebouwd uit duizenden kleine driehoekjes. Een STEP is het onderdeel zelf, met echte vlakken, cilinders en afrondingen. Wat er in e

 
 
 

Opmerkingen


bottom of page